De auto is meer dan een vervoersmiddel

Een derde van de Nederlanders ziet hun auto als meer dan slechts een vervoersmiddel; voor één op de tien is het zijn of haar ‘trots’.

Als we over onze auto praten hebben we het ook niet over een ding, maar spreken we vaak van ‘hem’ (vrouwen spreken relatief vaker over ‘zij’). Door ruim een kwart wordt er niet alleen over de auto gepraat, maar wordt er ook met of tegen hem gepraat. Bijna één op de zes maakt het nog persoonlijker en geeft de auto ook een naam die vaak is afgeleid van het merk of het uiterlijk van de auto, zoals Gebakje, Gouden Koets, Koekblik of (Race)Monster.

Maar het blijft niet alleen bij het geven van een naam. Ruim twee op de tien geeft hun auto wel eens liefkozend een aai of ‘schouderklopje’ en bijna vier op de tien ziet zijn auto echt als ‘een eigen plekje’. Het is dan ook niet vreemd dat meer dan een derde van de Nederlanders zijn auto niet zonder problemen uitleent aan vrienden of familie.

Bent u ook geïnteresseerd in onderzoek via PanelWizard?
Bekijk hier de mogelijkheden!